Categorie archief: Diepdruk

Jockum Nördstrom / Mamma Andersson

lou copy.print

Nog tot en met 16 mei 2013 loopt in het LaM, Villeneuve D’Ascq nabij Lille (FR) de tentoonstelling Jockum Nordström: All I have learned and forgotten again.

Er gaat misschien niet direct een belletje rinkelen bij de namen maar Jockum Nordström en Karin Mamam Andersson zijn zeker geen onbekenden in de hedendaagse beeldende kunstenscène.

Nordström is oorspronkelijk een illustrator van kinderboeken en maakt animatiefilms, zo was een serie kinderboeken rond de figuur Sailor & Pekka en Zweden een nationale hit. Later werkt hij ook als illustrator voor een Stockholms dagblad. In 2000 wordt z’n werk tentoongesteld op de kunstbeurs Liste in Basel en  van dan af aan gaat het pijlsnel. MoMA koopt werk en de galerij David Zwirner in NY (VS) neemt hem onder de vleugels.  Zeno X (Borremans, Tuymans, Braeckman…) in Antwerpen (BE) heeft Nordström ook in huis. Zeno X werkt trouwens erg nauw samen met David Zwirner.

In het werk van Nordström zijn steeds verwijzingen naar Folk Art, Art Brut, Surrealistische collages,  Jazz, design en de menselijke seksualiteit te vinden. Het werk oogt eenvoudig, zelfs wat naïef, maar heeft een complexe gelaagdheid die het erg innemend en boeiend maakt.

De eenvoudige en “arme” materialen (potlood, lucifersdoosjes, uitgesneden vormen in papier, karton) waarmee het werk gemaakt wordt, spelen mee om het oeuvre van Nordström dat inhoudelijk niet zo onschuldig is als het er uit ziet, toch een lichte toets te geven. Het directe van tekenen, het “knutselen” met  carton, papier en lijm verwijzen op een bepaalde manier ook naar de kindertijd. Vorm en inhoud gaan erg goed samen in het werk van Nordström.

Karin Mamma Andersson groeide op in het hoge noorden van Zweden, net onder de poolcirkel in een omgeving van bossen en wouden. Vormelijk zien we beelden van bossen, bomen, interieurs en soms verwijzingen naar andere kunstenaars. Er is steeds een verhalende toon in de werken. Alles is tot zijn essentie teruggebracht en ondanks de familiaire en herkenbare sfeer is er steeds iets mysterieus aanwezig in de werken.

Net zoals bij de werken van haar echtgenoot, is er iets onderhuids aanwezig in de werken van Mamma Andersson. Geweld en een bepaalde vorm van agressie zijn twee wederkerende thema’s in het liefelijk oogende werk.

Niet alleen origineel werk, ook grafiek heeft een plaats in het oeuvre van Andersson en Nordström. Zo werkten ze samen in Crown Point Press in San Francisco. De grafiek sluit erg goed aan bij hun werk omdat het tekenen en schilderen centraal staan.  Hun beider manier van werken vertoont veel gelijkenissen en en het is dan ook niet verwonderlijk dat de werken die samen gemaakt bij Crown Point Press zijn zo een grote en duidelijke eenheid vormen. Grafiek van Mamma Andersson vindt je hier en Jockum Nordström hier.

Voor de tentoonstelling Jockum Nordström: All I have learned and forgotten again is een uiterst verzorgde catalogus bij  de uitgeverij Hatje Cantz. Je kan hier de catalogus even inkijken.

stumpup Mamma Andersson    housebugs    pieces copy_0.print

James Turrell – First Light

jpeg-2

James Turrell is als kunstenaar vooral bekend met zijn licht sculpturen/installaties. Eenmaal je een werk van Turrell hebt ervaren weet je hoe beklijvend dit kan zijn en hoe je naar meer verlangd. Turrell heeft naast een diploma wiskunde, geologie en astronomie ook een diploma waarnemingspsychologie op zak, vandaar het perfect weten inspelen op onze waarneming.

James Turrell werkt voornamelijk met licht en ruimte en behoorde halfweg de jaren 60 van vorige eeuw samen met Robert Irwin en Doug Wheeler tot de zogenaamde Light and Space groep. Het is in deze periode dat Turrell een reeks werken maakt die later als etsreeks onder de titel First Light een tweede leven en bestaansvorm krijgen.

Een reeks lichtsculpturen die er op het eerste zicht als transparante vormen uitzien maar bij nader inzicht gewoon uit invallend en gemanipuleerd licht bestaan. Je kan de werken hier bekijken. De reeks roept vragen op over hoe en wat we waarnemen maar ook heeft op zichzelf ook iets transcendentaal. Alles wat Turrell maakt kan zich op verschillende niveau’s afspelen en begrepen worden.

Tussen 1989 en 1990 maakt Turrell samen met de Zwitserse meesterdrukker Peter Kneubühler een reeks etsen First Light. Kneubühler (die ook de reeks etsen The Temple van Luc Tuymans tot de perfectie bracht) weet de de reeks onvatbare werken naar twee dimensies om te zetten en als een reeks aquatinten te drukken. Het zijn parels die de sfeer en inhoud van de lichtsculpturen weten te vatten. Maar het toont ook dat de samenwerking tussen een begenadigd kunstenaar en meesterdrukker tot een schoonheid en perfectie die naast het originele werk kan staan.

De volledige reeks First Light is te bekijken op de website van Peter Blum Editions.

jpeg    jpeg-1    jpeg-3

Jacques Callot, een 17e eeuwse Franse graficus in Brugge

Bedelaar

Bedelaar

 

 

 

 

 

 

 

 

Van 1 februari t.e.m. 20 mei 2013 loopt er in het Arentshuis te Brugge ‘De 17e eeuw door de ogen van Jacques Callot. Een selectie uit het Prentenkabinet van het Groeningemuseum’.

Jacques Callot (1592 – 1635), een Franse meestergraficus, was één van de eerste grote kunstenaars die zich uitsluitend aan de grafiek heeft gewijd.

Callot maakte meer dan 1400 etsen die zeer gedetailleerd zijn leefwereld in kaart brachten. Geen enkel onderwerp was hem vreemd. Hij bracht zowel de feesten aan het hof van de’ Medici in beeld als de gruwelen van de oorlog. Soldaten, clowns, dronkaards, bedelaars, zigeuners en adellijke figuren bevolkten zijn prenten.

Rembrandt en Goya waren grote bewonderaars van Callot. Rembrandt had meerdere prenten van hem in zijn bezit en de twee etsenreeksen ‘Les misères de la guerre’ van Callot vormden de inspiratiebron voor Goya’s  ‘Los desastres de la Guerra’.

Callot heeft ook enkele belangrijke bijdragen geleverd aan de verdere ontwikkeling van de etstechniek. Zo vond hij een etsnaald uit die hem in staat stelde om de typische aanzwellende lijn van de gravure te imiteren, ontwikkelde hij een betere harde grond en verfijnde hij de stop-out-methode.

Jacques Callot

Philippe Vandenberg – Exile de peintre

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Op dit moment kan het werk van Philippe Vandenberg (1952-2009) op een hernieuwde internationale belangstelling rekenen.  In de galerie Hauser & Wirth, London wordt onder de titel Philippe Vandenberg, Selected Works een selectie uit zijn werk getoond (nog te bezichtigen tot 13 april 2013).

Het werk van Philippe Vandenberg wordt gekenmerkt door diverse radicale stijlbreuken die iedere keer een deconstructie van het voorgaande werk inhouden, je zou bijna kunnen zeggen dat iedere nieuw werk een deconstructie is van het vorige. Vandenberg was radicaal in zijn visie op zijn werk en zijn leven. Bij weinig kunstenaars is werk en leven op zo’n innige manier met elkaar verbonden. De werken zijn soms wreed in de letterlijke betekenis van het woord maar de ondertoon is steeds het zoeken naar “verlossing”. Het werk is niet altijd goed begrepen en Vandenberg heeft soms bakken kritiek over zich heen gekregen. Zeker een werk als de lachende Yasser Arrafat mocht op massa’s kritiek rekenen en dit heeft de kunstenaar dan ook jaren achtervolgd.

In december 2003 verscheen bij Ergo Pers te Gent een boek met vierenzestig etsen onder de titel Exil de peintre. Een selectie uit de reeks is te bekijken op de site.

Gedurende een jaar creëerde Vandenberg  een serie etsen die samen met een gelijktijdig ontstane tekst leidden tot het boek Exil de peintre uitgegeven bij Ergo Pers te Gent. Tijdens de gelijknamige tentoonstelling Philippe Vandenberg, Exile de peintre in het Caermersklooster te Gent was de volledige reeks te bekijken.

De reeks gaf een nieuwe wending aan het werk. Motieven als ‘kruisiging’ en de existentiële bevraging van de plaats van de mens en de kunstenaar in deze wereld zijn nog steeds prominent aanwezig, maar de beeldentaal is minder getormenteerd geworden, meer gelouterd en uitgepuurd. Het anekdotische uit zijn vroegere werk heeft nu plaats gemaakt voor configuraties van een zuiver abstract lijnenspel, met referenties naar Louise Bourgeois, Jürgen Partenheimer, Barnett Newman en anderen.

De kinderen van Vandenberg hebben een estate opgericht om het werk te documenteren en persoonlijk denk ik dat er geen mooier eerbetoon kan zijn en op deze manier is het een weg om het werk van de vergetelheid te vrijwaren. Op de website werk, teksten essays en een tekst van Niels Van Tomme die de artistieke weg van Vandenberg beschrijft en meer duiding geeft.

 

William Kentridge – Grafiek – David Krut Projects

De Zuid-Afrikaanse kunstenaar William Kentridge is vooral bekend voor zijn animatiefilms, tekeningen, opera’s en multimediale opstellingen  Maar Kentridge is ook een begenadigd graficus. David Krut Projects is reeds jaar en dag zijn uitgever van het grafische werk. De in Johannesburg gevestigde uitgeverij/atelier/galerie heeft op zijn website een zeer uitgebreid archief van het grafisch werk van Kentridge staan dat de uitgever doorheen de jaren voor Kentridge uitgaf.

Het archief is onderverdeeld in 4 pagina’s: Universal archive linocuts, The Nose series, selectie van de edities door Krut uitgegeven en de gearchiveerde edities.

Universal archive linocuts: aan de linosneden van Kentridge gaan tekeningen vooraf. In dit geval zijn het de tekeningen die Kentridge reeds jaren maakt met Chinese inkt op pagina’s uit oude woordenboeken en encyclopedieën uit de jaren 50. Het is een steeds uitbreidende reeks waarin eenvoudige weerkerende thema’s uit Kentridge’s werk centraal staan: koffiepotten, vogels, bomen, katten, schrijfmachines… De tekeningen worden overgebracht  via een fotografische transfer en dan minutieus uitgesneden in de lino. Deze linosneden worden gedrukt op verschillende pagina’s uit diverse oude boeken.

In reeks starten de beelden als een vrij correcte weergaven van het onderwerp maar bij het vorderen van de serie komt abstractie om de hoe kijken. er wordt wel eens gezegd dat deze series zich op de rand van animatie en grafiek bevinden.

 The Nose series: in 2006 begon Kentridge aan een serie etsen die rond het thema van The Nose gebouwd zijn, tet verhaal van Nikolai Gogol dat door Shostakovich in een opera gegoten werd. De Metropolitan Opera in New York had Kentridge gevraagd om de opera naar een hedendaagse omgeving te brengen. In Kentridge’s versie wordt The Nose naar 1917 gebracht ten tijde van de Russische revolutie en daarna ook naar de jaren 30 van vorige eeuw om de invloed van Stalin te belichten. de serie bestaat uit 30 platen (aquatint, droge naald) die soms van woorden, vormen  in een sterk Constructivistisch rood voorzien zijn.

 

Selectie grafiek William Kentridge door Krut uitgegeven: David Krut ontmoette Kentridge voor de eerste keer in 1992 ens hun samenwerking is sindsien niet verbroken. In dit deel de selectie van grafiek die Krut uitgaf sinds 1992 voor Kentridge o.a. Thinking Aloudthe Magic Flute,  Nose, West Coast Series, Scribble CatUniversal Archive…

 

 

 

 

In het deel Archived Editions tenslotte een uitgebreid overzicht van het grafisch werk dat ook door andere uitgevers op de markt werd gebracht.

 

 

 

 

In 2006 verscheen bij David Krut Projects het boek William Kentridge Prints. Op het moment moeilijk te verkrijgen maar mist enig zoekwerk zeker te vinden.

 

 

 

 

 

 

Niet-toxisch etsen – het handboek door Henrik Bøegh

Eén van de beste handboeken met betrekking tot niet-toxisch etsen en fotopolymeer is het boek “Handbook of Non-Toxic Intaglio” door Henrik Bøegh.

Henrik Bøegh is een onderzoeker van het eerste uur binnen het veld en kan beschouwd worden als een expert niet-toxisch etsen en fotopolymeer. Het handboek is erg overzichtelijk, makkelijk te lezen en voorzien van duidelijke foto’s. Een grote verdienste is de DIY apparatuur die Henrik beschrijft. Dit geeft de lezer de mogelijkheid om zich in eigen atelier op een eenvoudige en goedkope manier te installeren voor de technieken beschreven in het boek.

Het boek is in het Engels aan z’n tweede editie toe. In het Nederlands verscheen het als “Niet-toxisch etsen” bij uitgeverij Leroy en partners. Deze uitgave is de vertaalde eerste editie.

De website grafiskeksperimentarium.dk geeft meer info en er is tevens aan webshop aan verbonden waar je allerlei materiaal en apparatuur kan kopen.

 

Verstalen

Er al eens bij stil gestaan waarom die etsen van de grote namen zo een sprankelende kleuren hebben? Perfect wit, zonnig geel, fris groen…

Het geheim zit niet enkel in de bekwaamheid van meesterdrukker waarmee de kunstenaar samenwerkt, maar vooral in het fijne laagje staal dat op de afgewerkte ets is aangebracht.

Etsinkten oxideren en veranderen dus van kleur wanneer verwerkt op koper of zink. Dit maakt dat wit grijs wordt, geel groenig en andere kleuren er dof uitzien. Vooral zink bezit deze vervelende eigenschap, koper in mindere mate. Eén van de redenen waarom koper een beter materiaal is om op te werken als je met kleurinkten drukt.

Op staal gaan kleurinkten niet oxideren en blijven dus hun uitzicht behouden. Alleen, het is niet zo makkelijk werken op staal. Daarom zal men via elektrolyse een fijne laag staal aanbrengen op het oppervlak van de koperen etsplaat. Dit geeft als extra voordeel dat het oppervlak harder wordt en meer drukgangen toestaat. Men noemt dit procedé verstalen.

Zink kan je niet verstalen, toch niet direct. Je kan het probleem oplossen door eerst de plaat zink van een laagje koper te voorzien en daarna te verstalen. Maar het maakt het enkel ingewikkelder en duurder.

Het is niet makkelijk om een firma te vinden die deze dienst tot een goed einde brengt. In België en Nederland is, tot zover wij weten, geen firma deze techniek aanbiedt. In Duitsland kan je het nog wel laten doen.

Künstlerwerkstatt Kätelhön heeft een dienst waar je platen tot max. 70cm x 95cm kan laten verstalen. Zij leveren werk aan meesterdrukkers en zijn dus betrouwbaar. Künstlerwerkstatt Kätelhön maakt deel uit van het KunstHaus Möhnesee.

Het werk boven de titel is een diepdruk van Richard Tuttle uit de reeks Label 5-8